Gelukkig gaan we allemaal dood

Het leven is wel wat te rekken, door zorgvuldigheid in acht te nemen, gezond te leven en door op tijd een noodzakelijke reparatie te laten uitvoeren. Maar kapot gaan wij, dat is de enige zekerheid in ons bestaan.

Architecten noemen dat ‘rekken en repareren’ sinds de negentiende eeuw ‘restaureren’. Bibliotheken puilen uit met boeken vol met theorieën over restaureren. De achtergrond van de vele opvattingen is eender, namelijk de zorg voor het erfgoed. De meeste theorieën gaan zijdelings over ‘restaureren’, echter veel meer over de vraag “Hoe moet er worden omgegaan met bestaande architectuur?” Alle interessante stukken over restauratiebeginselen behandelen het boeiende vraagstuk over (dis)harmonie in de architectuur: “Kan het wel, of kan het niet?”. Hoe dan ook, restauratie wordt daarmee wel onderdeel van het architectuurdebat.

Wat is restaureren eigenlijk? De definitie van architectenbureau Fritz is buitengewoon simpel: restaureren is niets anders dan het herstellen van schade. Gaat het handelen verder dan alleen het herstellen van de schade, dan is het beter te spreken van ‘verbouwen’. Restaureren en verbouwen hebben niets met elkaar te maken. Herstellen van schade is technisch en bouwkundig van aard. Vaak lastig en moeilijk, maar met behulp van specifieke kennis, vaardigheden, doorzettingsvermogen en ervaring bijna altijd te volbrengen. Verbouwen heeft, naast technische en bouwkundige aspecten, te maken met een nieuw programma van eisen, met opdrachtgeverschap en met ontwerp en architectuur.

Restaureren is geen doel op zich, maar is een van de vele beschikbare middelen om architectuur te maken, te herstellen.

Contact
leer@bureaufritz.nl
Postbus 141
1400 AC Bussum